Choreografie, decor- en kostuumontwerp
Monique Duurvoort
Dansers
Lynn Bartels
Melissa Ellberger
Caggie Gulum
Pawel Krupa
Junadry Leocaria
Jessica Marothy
Henry O'Tawiah
Raquel Tijsterman
Productie
De Nederlandse Dansdagen i.s.m. Dansateliers
Het idee voor het maken van het stuk (W)EDGE ontstond toen Monique Duurvoort in 2007 bezig was met het maken van het stuk "Boost", haar allereerste zelfstandige choreografie geproduceerd onder de vleugels van productiehuis Dansateliers in Rotterdam.
Elke dag dat Monique naar de studio van Dansateliers ging liep ze langs de Kruiskade, een bekende winkelstraat in Rotterdam. Ze observeerde hier, zoals ze eerder in bepaalde buurten in Amsterdam had gedaan, de (voor het grootste gedeelte) mannelijke figuren die de hele dag op hoeken en tegen muren van deze straat 'hingen'. In sommige gevallen betrof het hier dealers, maar over het algemeen leken het voornamelijk werkloze mannen met veelal een Antilliaanse, Surinaamse of ander soort Afro-Caribische achtergrond, beter bekend als "Hangmannen".
Deze zogenaamde hangmannen straalden tegelijkertijd een extreem macho, stoer en agressief als troosteloos, kwetsbaar en breekbaar iets uit.
Een voor Monique herkenbaar beeld. Iets waar zij vanaf jonge leeftijd al via haar directe omgeving in aanraking mee was gekomen en waar ze veel over nadacht. Dit specifieke, wellicht stereotype beeld van een zwarte mannelijke figuur. Het aanmeten van een zelfverzekerde, soms bijna onaantastbare, trotse uitstraling. Iets wat in Monique's beleving vaak in contradictie lijkt te staan met het ware zelfbeeld wat de persoon van zichzelf heeft.
Dit inspireerde haar tot iets te willen doen met het idee van jezelf (volledig) anders voordoen dan hoe je in werkelijkheid bent of hoe je je in werkelijkheid voelt, en dit dan met name gericht op hoe dit fenomeen zich manifesteert onder een bepaald deel van de mannen binnen de Afro-Caribische cultuur.
Deze context lag aan de basis voor het creëren van de centrale figuur van het stuk '(W)EDGE'.
Monique wilde op zoek gaan naar antwoorden op de vraag waar de behoefte tot het aanmeten van dit bepaalde macho imago bij een deel van zwarte mannen vandaan komt en hoe de omgeving zich tot zo'n imago verhoudt.